Fokregelement

  1. Algemeen

    1.1. Het rasspecifieke Fokreglement voor het ras Beauceron beoogt bij te dragen aan de
    behartiging van de belangen van het ras.
    1.2. Dit rasspecifiek Fokreglement geldt voor alle fokkers die aangesloten zijn bij
    Beauceron-vrienden.
    1.3. De definities en regelgeving zoals die zijn vastgesteld in het Kynologisch Reglement
    van  de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland, zijn ook van toepassing
    op dit rasspecifieke Fokreglement.

  1. Fokregels

    2.1. Verwantschap: beide ouderdieren mogen niet met elkaar in relatie staan.
    Per 1 juli 2010 is vastgesteld door de Raad van Beheer op Kynologische Gebied dat er
    geen stambomen meer af worden gegeven bij de volgende combinaties:
    – ouder / kind combinatie (combinatie P generatie/F1 generatie)
    – broer / zus combinatie (combinatie F generatie)
    – grootouder / kleinkind combinatie (combinatie P generatie/F2 generatie)
    – arlequin / arlequin combinatie
    2.2. Herhaalcombinatie: de combinatie van dezelfde reu en teef (dezelfde
    oudercombinatie) is 2 maal toegestaan met uitzondering in geval er uit de combinatie
    epilepsie is voortgekomen. Dan mag de combinatie niet herhaald worden.
    2.3. Minimum leeftijd reu: de minimale leeftijd van de reu, op de dag van de dekking moet
    tenminste 18 maanden zijn.
    2.4. Aantal dekkingen: een reu mag maximaal 2 maal per jaar een nest voortbrengen.
    2.5. Cryptorchide en monorchide: cryptorchide of monorchide reuen zijn uitgesloten van
    de fokkerij.
    2.6. Gebruik buitenlandse dekreuen: wanneer een Nederlandse gecertificeerde fokker
    voor een dekking een dekreu gebruikt, die in het stamboek van een buitenlands door
    de FCI erkend stamboek is ingeschreven, dan moet deze dekreu voldoen aan de eisen
    die voor dekreuen in dat betreffende land gelden. De controle of de dekreu aan de
    eisen van dit fokreglement voldoet is een verantwoordelijkheid van de fokker.
    2.7. Kunstmatige inseminatie (sperma van levende dekreuen): als een gecertificeerde
    fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een in het N.H.S.B. ingeschreven
    nog in leven zijn dekreu, dan gelden voor deze dekking de regels van dit fokreglement
    alsof het een natuurlijke dekking van een in het N.H.S.B. ingeschreven dekreu betreft.
    of
    Als een gecertificeerde fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een in een
    door de FCI erkend buitenlands stamboek ingeschreven nog in leven zijnde dekreu,
    dan gelden  voor deze dekking de regels van dit fokreglement alsof het een natuurlijke
    dekking van een door de FCI erkend buitenlands stamboek ingeschreven dekreu
    betreft.
    of
    Als een gecertificeerde fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een
    overleden  dekreu, dan gelden daarvoor de regels alsof het sperma betreft van een
    nog in leven  zijnde dekreu, hetzij dat deze is ingeschreven in het Nederlandse
    stamboek, hetzij dat deze is ingeschreven in een door de FCI erkend buitenlands
    stamboek.

  1. Welzijnsregels

    3.1. Minimum leeftijd teef: de teef mag op het tijdstip van de dekking niet jonger zijn dan
    24  maanden (2 jaar).
    3.2. Maximum leeftijd teef: de teef mag niet worden gedekt na de dag waarop zij 96
    maanden (8 jaar) oud wordt.
    3.3. Maximum leeftijd eerste dekking teef: de teef mag bij de dekking voor het eerste nest
    niet ouder zijn dan 72 maanden (6 jaar).
    3.4. Periodiciteit nesten: een teef mag in een periode van 24 maanden maximaal 2 nesten
    hebben, waarbij de periode tussen de dekking van het eerste nest en het tweede nest
    minimaal 10 maanden moet zijn. De periode van 24 maanden start op de datum
    waarop de dekking voor het eerste van de twee binnen deze periode geboren nesten
    heeft plaatsgevonden.
    3.5. Aantal nesten: een teef mag gedurende haar leven in Nederland maximaal 5 nesten
    krijgen.

  1. Gezondheidsregels

    4.1. Gezondheidsonderzoek ouderdieren: gezondheidsonderzoeken van ouderdieren
    moeten plaatsvinden door deskundigen aangewezen door de Raad van Beheer conform
    door de Raad van Beheer voor deze onderzoeken opgestelde en/of goedgekeurde
    onderzoeksprotocollen.
    4.2. Herbeoordeling en/of heroverweging: als de eigenaar zich niet kan verenigen met de
    uitslag van een verricht onderzoek, kan deze conform het door de Raad van Beheer
    vastgestelde algemeen onderzoeksreglement en het betreffende onderzoeksprotocol
    om herbeoordeling en/of overweging van de uitslag vragen. Totdat de uitslag van de
    herbeoordeling en/of heroverweging bekend is, blijft de oorspronkelijke uitslag van
    het onderzoek waarvoor herbeoordeling en/of heroverweging is gevraagd geldend.
    4.3. Verplichte onderzoeken: op basis van onderzoek zijn de volgende
    gezondheidsproblemen binnen het ras vastgesteld en moeten de ouderdieren
    worden onderzocht op HD (heupdysplasie). Ouderdieren met HD-C of hoger worden
    uitgesloten voor de fokkerij.
    4.4. Epilepsie: rashonden die lijden aan epilepsie mogen niet voor de fokkerij worden
    ingezet.
    Combinaties waaruit epilepsie is voortgekomen mogen niet meer herhaald worden.

  1. Gedragsregels

    5.1. Karaktereisen: beide ouderdieren moeten voldoen aan de karaktereisen zoals die in
    de rasstandaard zijn beschreven en men redelijkerwijs van het betreffende ras
    verwacht. Met dieren die lijden aan agressiviteit, angst of nervositeit mag niet worden
    gefokt.
    5.2. Gedragstest: geen verplichte test. Ervaring leert dat er geen één gedragstest iets
    uitsluit.
    Het is de verantwoording van de fokker en deze kan eventueel een keuze maken uit
    bijvoorbeeld Sociale Huishond, VZH, MAG-test of aankeuringstest in het buitenland.

  1. Exterieurregels

    6.1. Kwalificatie: de beide ouderdieren moeten minimaal 2 keer hebben deelgenomen aan
    een door de Raad van Beheer en/of FCI  gereglementeerde expositie, een door een
    rasvereniging georganiseerde kampioensclubmatch of een fokgeschiktheidskeuring
    georganiseerd dooreen rasvereniging en daar minimaal de kwalificatie ZG hebben
    behaald, waarvan éénmaal in de openklasse.

  1. Regels afgifte pups

    7.1. Ontwormen en enten: de fokker draagt zorg voor het deugdelijk ontwormen en
    inenten
    van de pups volgens gangbare veterinaire inzichten en voor een volledig door de
    dierenarts ingevuld en ondertekend Europees Paspoort.
    7.2. Aflevering pups: de pups mogen niet eerder worden afgeleverd dan op de leeftijd van
    8 weken.

  1. Slot- en overgangsbepalingen

    8.1. In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de Raad van Beheer in
    overleg met een rasvereniging.
    8.2. Tegen de beslissingen van de Raad van Beheer, waarbij een belanghebbende
    rechtstreeks in zijn belang wordt getroffen staat bezwaar en beroep open bij de
    Commissie Certificering resp. de Geschillencommissie van de Kynologie,
    overeenkomstig het bepaalde in het reglement betreffende de Geschillencommissie
    voor de Kynologie.
    8.3. Als voorzien kan worden dat zich meer vergelijkbare gevallen zullen voordoen, draagt
    de Raad van Beheer, zorg voor aanvulling van het rasspecifiek fokreglement.
    8.4. Door de Raad van Beheer kunnen te aanzien van dit fokreglement wijzigingen worden
    ingevoerd.